Stichting Regenboogbuurt pleit voor hergebruik speelobjecten Aldo van Eyck

De minimalistische speeltoestellen van architect Aldo van Eyck zijn bij generaties bekend. De aluminium klim- en duikelrekken zijn er in verschillende vormen, waarvan de iglo wellicht de bekendste is.“Ook in onze buurt staan meerdere speeltoestellen naar het originele ontwerp van Aldo van Eyck en daar moeten we zuinig op zijn”, vindt Stichting Regenboogbuurt.

Aldo van Eyck heeft in de jaren ‘50, ‘60 en ‘70 honderden speelplaatsen ontworpen, met name in Amsterdam. Zijn ontwerpen bestaan uit simpele constructies en materialen, bedoeld om de verbeelding te prikkelen. Van aluminium klim- en tuimelrekken, tot betonnen zandbakken en ronde stapstenen. Deze speelobjecten verdwijnen echter steeds meer uit het straatbeeld, om plaats te maken voor modernere, andersoortige speeltoestellen.

Kunstobjecten

“Wij zouden deze speeltoestellen graag voor onze buurt behouden”, aldus het bestuur van Stichting Regenboogbuurt. “In Amsterdam worden de ontwerpen van Van Eyck steeds meer op waarde geschat en daar wordt zelfs gesproken van kunstobjecten in plaats van speeltoestellen.” Zo startte het Van Eesterenmuseum in Amsterdam vorig jaar een succesvolle crowdfunding om een groot klimrek van Aldo van Eyck te redden. Er werd gul gedoneerd en het speeltoestel heeft inmiddels een plek gekregen in de beeldentuin bij het Van Eesterenpaviljoen aan de Sloterplas. Daar werd op de honderdste geboortedag van Aldo van Eyk op 16 maart 2018 ook een tentoonstelling geopend over zijn speelplaatsen. Ook in de tuin van het Rijksmuseum vind je speeltoestellen van Van Eyck en de bekende iglo werd dit jaar zelfs gebruikt als logo voor de Open Monumentendag Amsterdam, waarbij eveneens veel aandacht was voor zijn speelplaatsen. De toestellen worden behalve bewonderd vooral ook gewoon gebruikt. Ze zijn zo ontworpen dat ze geschikt zijn voor alle leeftijden.

 

Twee klimtrechters bij het Rijksmuseum

 Speeltuin
“Met al deze bijzondere speelobjecten uit onze buurt verzameld zou de Regenboogbuurt ook een heuse beeldentuin als extra speeltuin kunnen hebben”, stelt het bestuur van Stichting Regenboogbuurt. “Met verschillende klim- en duikelrekken en betonnen stapstenen die al in de wijk aanwezig zijn. Dat zou mooi passen binnen één van de kernopgaven voor het groot onderhoud van de Regenboogbuurt, namelijk: circulaire economie. Door deze opgave wordt door het bouwteam in principe niets weggegooid en dat is in dit geval extra fijn.” Stichting Regenboogbuurt gaat met verschillende partijen in gesprek om de mogelijkheden te onderzoeken.

Tentoonstelling maquette Regenboogbuurt in Batavialand groot succes

Al vóór de bouw had de Regenboogbuurt een eigen boek (Stedebouw en Kleur door Marc A. Visser en Margriet Pflug, februari 1995). Nu, 21 jaar na de oplevering van de Rode Donders in 1998, kreeg de Regenboogbuurt voor het eerst sinds haar voltooiing aandacht in een museum.

In het eerste weekend van november was de originele kleurrijke werkmaquette van de Regenboogbuurt in Batavialand in Lelystad te bewonderen. Het is het grootste schaalmodel dat Batavialand in bezit heeft. Bij het nameten bleek hij zelfs nog groter dan eerder gedacht; maar liefst 5,5 bij 5,5 meter.

De maquette stond in 1994 op de BouwRAI, daarna in het gemeentehuis van Almere, en vervolgens heeft hij na veel omzwervingen en avonturen Batavialand bereikt. Op initiatief van Stichting Regenboogbuurt is hij in de afgelopen anderhalf jaar door een team van vijf vrijwilligers gerestaureerd. Dit team was aanwezig tijdens het hele tentoonstellingsweekend. Daardoor konden bezoekers vragen stellen over de maquette toen en nu, en over het bijzondere karakter van de Regenboogbuurt. Ook waren filmpjes te zien die het restauratieproces toonden.

Heel veel (oud)Regenboogbuurtbewoners en andere geinteresseerden, zelfs Belgen, Fransen en Duitsers hebben de maquette bewonderd en de verhalen erachter gehoord. Er kwamen maar liefst een kleine tweehonderd bezoekers in drie dagen tijd.

Klik hier voor het overzichtsfilmpje dat Paul Frankvoort van de restauratie maakte.

Klik hier voor het filmpje dat Jan Frans de Hartog van de eindfase van de restauratie maakte.